|
ALGEMEEN VERSLAG LEUVENSE TONEELPRIJZEN 2008 In naam van alle juryleden van de Leuvense toneelprijzen, Rik Struyven, Jos Oleo, Georges Christens, Marc Smet, Marie Goossens en ikzelf, Yolanda Mattheus, heet ik u allen van harte welkom op deze feestelijke avond. Traditioneel wordt dit algemeen verslag geschreven door Georges Christens en Rik Struyven. Deze laatste leest naar goede gewoonte ook altijd het juryverslag voor. Rik is op dit moment te voet onderweg naar Compostella. Het gevolg is dat ik daarom op de blaren mag zitten en zijn moeilijke taak mag overnemen. Soms zijn er jaren met een bijzondre betekenis: bv. Een schrikkeljaar, een jubeljaar of een sabbatjaar.Wij willen er nog ééntje aan toevoegen:.... Het “ Ja... maar... jaar “ Het voorbije toneelseizoen past perfect in deze nieuwe categorie. Was het een goed jaar? Ja, maar… Hebben wij mooie dingen gezien? Ja, maar… Denderende acteerprestaties? Ja... maar… Een voldaan gevoel ? Ja..... maar… Moest heel dit gebeuren zich afspelen op culinair vlak, wij zouden ijlings naar het zout- en pepervat grijpen. Of misschien er zelfs de chef-kok van d’Hoogeschool bijhalen om het geheel wat bij te kruiden, je weet wel, een snuifje van dit, een mespuntje van dat, een blaadje zus, een korreltje zo…Een vleugje tabasco mag ook. Ja, het was dus een goed toneelseizoen...maar…het had zijn mankementen. Er waren maar enkele groepen die er met hun producties werkelijk bovenuit staken. Het bleef dit jaar allemaal een beetje te vlak, wat te zoutloos, iets te flauw. Wij hebben van de meeste groepen vermeld in dit verslag al beter gezien. Wij willen dan ook pleiten voor meer bezieling, ook meer tempo, meer diepgang, soms ook betere stukkenkeuze. Wij worden graag bij de strot gegrepen, liefst al van bij de aanvang van het stuk en zitten graag na afloop van de voorstelling een eindje sprakeloos van verbazing bij ons drankje. De jury heeft, net zoals vorige jaren, alle voorstellingen van elke deelnemende toneelvereniging gegroepeerd. De hierbij aangehouden volgorde is totaal willekeurig. Hier volgt het verslag. Het zijn de Dijlezonen die het toneelseizoen inzetten. Zij kiezen voor “Ontkoppeld” van Neil Simon in een regie van Patrick Baeyens. “Ontkoppeld” is de vrouwelijke versie van Simons’ klassieker “Een vreemd koppel”. “Ontkoppeld” is echter veel minder geestig. Het kost de acteurs dan ook heel veel moeite om hun opdracht tot een goed einde te brengen. Er zit vaart in de voorstelling, dat wel, maar er is te weinig aandacht voor de typering van de verschillende personages. De opvallendste acteur is Peter Tacq als Manolo! Alis in Onderland is hun volgende productie en meteen de eerste van Dzippie, de aanrukkende jonge garde van deze groep. Mauritz Kelchtermans tekent voor de regie en de bewerking van het stuk. Misschien heeft hij het jonge volkje té vrij gelaten in hun interpretatie van de verschillende rollen; vooral personen- en bewegingsregie vertoonden nogal wat leemtes. Met Trojaanse vrouwen van Euripides vervolgen de Dijlezonen hun reeks opvoeringen. Huisregisseur Frans Vanderschueren bewerkt het stuk en voert tevens de regie. Hij levert knap werk. Ondanks de krappe speelruimte – dergelijke stukken hebben doorgaans een ruim decor nodig – weet hij zijn acteurs voldoende beweeglijk te houden. Zang en dans helpen hem hierbij. Toch vonden wij de klemtoon iets téveel liggen op het dramatische: dit was voor enkele acteurs duidelijk iets té hoog gegrepen. Het gaf anderzijds aan vooral Marie-Rose Wuyckens, als koningin Hekabe de kans om zich met een oerdegelijke vertolking in de kijker te spelen. Ook Marijke Verdoodt als Kassandra, Leen De Vreese als Andromache en Petra De Bleser als Helena leverden puik acteerwerk. Ongetwijfeld één van de betere producties van de Dijlezonen de laatste jaren. De jongeren van Dzippie sluiten voor De Dijlezonen het seizoen met “Gamin” in een regie van Lieve Cosyns. We krijgen een sterk stuk te zien over de dagelijkse belevenissen van de straatkinderen in Zuid-Amerika; we zegden het al: een sterk stuk, zowel naar inhoud als naar opbouw. De perfect gekozen kledij, het inventieve decor, de suggestieve belichting en de precies passende muziek doen het stuk alle eer aan. Bovendien geven we maar al te graag een pluim voor de acteerprestaties van de jonge Dzippies. Met hun goede articulatie, hun gedisciplineerde bewegingen en plaatsing, speelden zij als het ware vaak de ouderen van de scène! Lieve Cosyns heeft een knappe regie neergezet. Er werd vooral zeer veel aandacht besteed aan de personenregie, de typering van de personages en de uitspraak van de jonge acteurs. Proficiat aan de ganse ploeg! Met “Robin Hood Revisited” door Tovikito, het jeugdtheater van Toneel Vier, begint het seizoen met een stuk, ontsproten aan eigen fantasie van de betrokken spelers. Jonas Van Thielen en Hendrik Willekens die het jonge geweld in goede banen leiden, spreken van een geweldige ervaring. Er zijn erg goede acteerprestaties, er is het creatieve wegwerp-decor, en we vergeten zeker niet de eigentijdse choreografie. Samen met de verzorgde belichting en klank zorgen al deze elementen voor een zeer geslaagd optreden van de jongste Tovikito- afdeling. De ouderen houden het bij “Calamity Jane” van Patrick Bernauw en Guy Didelez. Dina De Cuyper en Griet Alaerts voeren de regie. Het algemeen gevoel van de jury na de voorstelling is er één van lichte ontgoocheling. Enerzijds hebben we hier te maken met een groep sterke acteurs en actrices die heel wat in hun mars hebben, maar anderzijds is er de magere inhoud van het stuk. Onze raad: durf met deze cast sterkere dingen aan! “De Familie Tot” van Istvàn Orkény is de eerste volwassenenproductie van Toneel Vier. Steven Devillé voert de regie. Hoewel het stuk een licht absurde, tragikomische en originele aanklacht is tegen het militarisme blijft het een zware opdracht om het op een aanvaardbare manier over te brengen naar het publiek. Technisch wordt het een mooie productie: prachtige muziekkeuze, functionele rekwisieten, goede kledijkeuze. Deze homogeniteit is er niet volledig bij de acteerprestaties. Positieve uitschieters zijn Guido en Mia Struyven als respectievelijk de postbode en Mariska, Jan Wenderickx in zijn rol van professor Cipriani en Karlien Valvekens als het jonge meisje Agnes. Hoewel Steven Devillé er met veel creativiteit is tegenaan gegaan en er zeer mooie, originele regievondsten heeft ingestoken kon deze opvoering ons omwille van de stukkeuze, maar matig bekoren. Toneel Vier besloot het seizoen met “Smullen met Snullen” van Francis Véber, in een regie van Luc Vloeberghs. Dit stuk heeft de nodige ingrediënten om een amusant avondje toneel te brengen. De regisseur weet deze dan ook ten volle uit te buiten. Helaas wordt hij niet steeds gevolgd door een niet zo homogene cast. Met kop en schouders steekt hier Jan Vansantvoet boven de rest uit. Hij bezit als enige het zo nodige komisch talent: typering, mimiek,beweging maar vooral timing zijn gewoon perfect!! Jan is werkelijk een zeer groot acteur! In “Johnny got his gun” van Dalton Trumbo wordt ons het verhaal verteld van Joe Bonham, Amerikaans soldaat, die in WO I naar Europa komt vechten voor ‘vrijheid en democratie.’ Hij wordt vreselijk verminkt maar blijft leven. Vertwijfeld zoekt hij een manier om te communiceren, om uit zijn eenzaamheid te ontsnappen. Trumbo maakt er geen rekwisitoor tegen de oorlog van; ook tederheid, liefde en nog zoveel menselijke thema’s komen aan bod en maken dit verhaal draaglijk, soms zelf warm… Patrick Van Dievoet is de acteur die er zich aan waagt de monoloog rond dit thema te brengen. Hij heeft zich terdege de tekst van het stuk eigen gemaakt en kon daardoor het publiek boeien. Toch zou meer variatie in spel en zegging een meerwaarde hebben betekend. In zijn expressie blijft hij iets te stereotiep. Misschien is de regie hier wat te vlot over heen gegaan? Een monoloog brengen is geen sinecure, daar zijn wij ons terdege van bewust. Wij schatten dan ook de inspanning die Patrick hier levert, bijzonder hoog in. Het is een zeer moeilijke opdracht, maar Patrick slaagt er in! Het VaarTTeater uit Wijgmaal haalt er voor de eerste productie “Een Inspecteur voor u” bij. Auteur is J.B. Priestley, regisseur Octaaf Duerinckx. Het stuk zelf is niet meer van de jongste, hoewel er hedendaagse thema’s als werkloosheid, sociale mistoestanden enz. in worden aangesneden. Er is voor dit stuk bijzonder veel aandacht besteed aan het decor, misschien iets té veel. Het beeld van een rijkeluissalon krijgen we zeer correct van de Leuvense filmclub die met individuele filmfragmenten ons een beeld tracht te schetsen van de industriële revolutie en zijn groeipijnen. Edgar Elgar is de muziekcomponist van dienst en met reden! Ook de kostuums van acteurs en actrices roepen het juiste tijdsbeeld op. Dit alles kan ons echter niet de eerder statische acteerprestaties doen vergeten. Behalve dan van Roger De Mol als Arthur Birling en van Nele Debecker als Sheila Birling, die perfect in hun personage zitten, vallen er geen denderende vertolkingen op! Wellicht heeft de regisseur niet zoveel aandacht gehad voor de verkeersregie. Het werd een té statisch vertoon met een opvallend gebrek aan correcte uitspraak en zegging! Volgende productie van het VaarTTeater is “Sextet” . Auteur is Michael Pertwee , terwijl Julien Reynders de regie voert. Fons Vertommen en zijn decorploeg hebben zich waarschijnlijk uit de naad gewerkt om ons zo goed mogelijk in vakantiestemming te brengen en ons mee te nemen op een luxueus jacht in de haven van St.-Tropez. Daar zijn ze volledig in geslaagd. Een grote pluim hiervoor! Toch heeft dit prachtige decor ons minder voldaan gevoel over deze productie niet kunnen wegnemen. Er was teveel nodeloos gepraat in dit wat oubollige stuk , er waren te weinig originele regievondsten, de acteursregie stond niet helemaal op punt. Eigenlijk was dit voor het VaarTTeater een niet zo’n gelukkige stukkenkeuze. Dit is dan dubbel spijtig omdat de groep in het verleden afdoende heeft bewezen over zeer goede acteurs en actrices te beschikken, die het betere werk zeker aankunnen! Hetzelfde kunnen we zeggen over de Toneelvereniging Hojapa. Dit jaar keken we opnieuw tegen een voorstelling aan waarvan men na afloop alleen kan besluiten dat alle goed bedoelde inspanningen op niveau van actie en techniek tot weinig hebben geleid. Dit is vooral te wijten aan de totaal verkeerde stukkenkeuze. Het stuk : “Met de zegen van de Heer” is een absoluut onding. Met alle respect voor de vele mensen die ieder jaar opnieuw inspanningen leveren zouden wij toch vooral aan het bestuur de raad willen geven om werk te maken van een goede stukkenkeuze, eventueel met behulp van een degelijk leescomité. Investeren in goede regisseurs is ook geen overbodige luxe. Goede acteurs hebben jullie al… Dit jaar staat “De Belofte” van de Nederlandse auteur Haye van der Heyden op het programma. De Lo’se toneelvrienden hebben Raf Stabel aangeworven als regisseur. Het gegeven is de problematiek die geschapen wordt wanneer een jongere vrouw een welgestelde oudere man huwt. Intriges over seks, jaloezie en afgunst in de familie en de bredere vriendenkring van beide personages vormen de inhoud van dit stuk. De spelers brengen het er meer dan behoorlijk van af. We vermelden graag Ivo Boon als de welgestelde oudere man en zeker Shäna Chapelle in de rol van Suze, de schoonmaakster. Raf Stabel maakte er een zeer degelijk werkstuk van, met mooie beelden, ontroerende momenten in een sfeervol, verantwoord decor. Toch bleef het geheel té rustig, té gewoon voortkabbelen, zonder enige onverwachte uitschieter, die de aandachtige toeschouwer verrast en hem bij de keel grijpt! Het was een mooie voorstelling, ja... maar.... aangrijpend was ze echter niet, daar waar er toch verschillende elementen aanwezig waren om dit te realiseren. Voor de eerste productie van Levet Scone worden we uitgenodigd bij Germaine, die sinds ze 1 miljoen zegeltjes heeft gewonnen bij een wedstrijd, constant onder hoogspanning leeft. Inderdaad we zijn beland in het werk van Michel Tremblay: “De Schoonzusters”. Mark De Marrée wacht de moeilijke maar zeker niet onaangename taak, 14 dames van Levet Scone in de pas te laten lopen. Hij heeft het zich in zijn concept zeker niet gemakkelijk gemaakt en zijn cast evenmin. Blijkbaar hadden de dames toch wat last van het “théatre en rond”. Soms moesten ze wel erg ver uit elkaar acteren, heel wat acties werden voor het publiek verstopt. De aanwezige dierentuin was gezellig maar niet altijd een hulp bij sfeervolle gedeelten, zoals de monoloog. De vertolkingen zijn niet altijd homogeen, maar boven de middelmaat acteren zeker, Marijke Van Geel, Kristin Vandecruys, Lydia Leys en Kristien Scheers. Dan is het bij Levet Scone, de beurt aan de jeugd. Zij brengen “Happy, Happy” van Marie Goossens die haar eigen werk mag regisseren. Marc brengt hierover straks verslag uit bij “ De kleine Prins Prijs”. “Een Vreemd Koppel” van Neil Simon met Steven Devillé als regisseur. De Amerikaan Neil Simon heeft er het handje van weg om situaties te schetsen waarin de echte vriendschap tussen twee mannen op de proef wordt gesteld. Hij doet dit wel met een grote dosis milde humor! Het beste voorbeeld hiervan geeft hij ongetwijfeld in “Een Vreemd Koppel”, een ijzersterke komedie. Steven brengt een goede regie: een suggestief decor, sfeervolle belichting en klankmontage met goede muziekkeuze, vlotte overgangen en wisselingen. Er is echter de weinig homogene cast. De twee hoofdpersonages zitten stevig in hun rol. Dit kan niet gezegd worden van de kaarters. Jerom Schueremans als Oscar Demolder is veruit de beste op de planken. Helaas wordt hij in het tweede deel overspeeld door een té dominerend acterende Walter Roedolf als Felix! Het geheel geraakt zo flink uit balans! Graag hadden we toch een nog sterkere typering gezien van de verschillende personages. Dit is vrij essentieel en door té veel coupures in de tekst gaan heel wat komische situaties de mist in! Famille d’ Artistes schoot bij Toneel Heverlee het nieuwe seizoen op gang. Peter Van Bouwel regisseert dit stuk muziektheater van Kado Kostzer en Alfredo Rodriguez, dat ons de belevenissen vertelt van de familie Finochietto, aangespoelde Italiaanse immigranten in Argentinië. Zoals vanouds zet TH weer alle zeilen bij om van deze productie een top evenement te maken. Er is een intense samenwerking met de muziekacademie van Oud- Heverlee en het El Rumbo Tango-Team uit Leuven. Het schitterende decor is tot in de puntjes afgewerkt en er is een betoverende belichting. Maar…helaas is er ook het stuk zelf, dat inhoudelijk niet zo sterk is, het kabbelt heel de tijd rustig verder, zonder echt tot een climax te komen. Wel zijn er merkwaardige vertolkingen van onder andere Eva Van Hoecke, Katelijne Billet en Esther Wallace. Toch bleef alles ondergeschikt aan de vorm en de aankleding van het stuk. Er was blijkbaar meer aandacht besteed aan de show dan aan het drama. Spijtig voor de enorme inspanningen die de groep ongetwijfeld voor deze productie heeft gedaan. Vervolgens zijn het ‘Drie Zusters’ van Anton Tsjechov die bij Toneel Heverlee hun opwachting maken. Vital Schraenen voert de regie. Marc zal straks heel wat meer te vertellen hebben over deze drie dames. Toneel Heverlee sluit het seizoen met ‘Pauw’ van Josse De Pauw. Het concept en de regie zijn van Jan Sprengers. Voor de pauze maakt hij een mooie compilatie uit het werk van Josse en na de pauze krijgen we ‘Ubung’ , een eenakter van dezelfde auteur. Jan Sprengers brengt één van zijn beste regies en slaagt er in, alle facetten van zijn productie samen te smeden tot een werkelijk boeiend spektakel. Over techniek hoeven ze bij TH niets meer te leren! Hoe bij deze productie het acteren, de belichting, de klankmontage, de diaprojectie, de personen- en bewegingsregie naadloos in mekaar vloeiden en zodoende een ijzersterke voorstelling vormden, getuigde van grote klasse! Toch ook nog even de opvallende acteerprestaties vernoemen van Hubert Vanhellemont, Jan Moons en niet in het minst van Tine Peeters. Ook de zangprestatie van Roel Lauwens in Ubung blijft ons bij. Toneel Heverlee sloot hun sterke seizoen in grote schoonheid af! Bij het begin van hun toneelseizoen worden we uitgenodigd “Bij Jules en Alice” van Tom Lanoye in een regie van Jan Schoolmeesters. We komen terecht in een huiskamerdramaversie van de twee koningskinderen : Jules, een Vlaamse bricoleur, die naast gecrashte auto’s ook nutteloze brocanterieën verzamelt, Alice zijn vrouw, die maar geen hoogte van haar man lijkt te krijgen. Jan Schoolmeesters voert een schitterende regie en bewijst eens te meer een creatief , inventief regisseur te zijn, die onthutsende vondsten uit zijn regiemouw schudt!... Dit had iets weg van de perfecte regie. Uiteraard wordt hij gediend door een zeer sterke, nagenoeg homogene cast met uitzonderlijk acteertalent en we vernoemen in het bijzonder: Manu Gemoets, Katrien Devillé en Frie Huybreghs. Marc vertelt hier straks nog meer over. “De Revisor” van Nicolaj Gogol is de tweede productie van De Reynaertghesellen. Marnick Bardyn is de regisseur van dienst. Deze productie wordt besproken bij de Euripides nominaties. Toch kunnen we het niet laten Dirk De Deken te vernoemen, ook al wordt hij eveneens door Marc grondig doorgelicht als hij het heeft over de Margrietkandidaten. Ook Nele Devillé en Thomas Euben verdienen voor hun vertolking een hele grote proficiat! “Popcorn” is voor dit seizoen de laatste wagon aan de Reynaerttrein. Auteur is Ben Elton, regisseur Günther Samson. Een gijzeldrama in Hollywood: een regisseur en zijn liefje worden gegijzeld door twee meedogenloze roofmoordenaars, een soort modern Bonnie en Clyde-duo. Een explosief spektakel van rock-‘n-roll en geweld, maar ook met veel humor! Günther Samson slaagt er volledig in met een zeer functioneel decor, dito rekwisieten en met het nodige filmische materiaal, de illusie van de filmwereld te laten aanvoelen. Daarin acteren de spelers voortdurend op een hoog niveau, hoewel na de pauze de spanningsboog minder strak staat en de fut er een beetje uit lijkt. Misschien kon wat snoeiwerk in de tekst hier soelaas gebracht hebben. Het gemoraliseer tijdens de finale was volgens ons overbodig. Wim Vandebroek, Manu Gemoets, Sara Marquant , maar vooral Astrid Lenaerts brengen schitterende vertolkingen van hun personage. Marc bespreekt de prestatie van Astrid Lenaerts bij de nominaties voor het FiereMargriet Juweel. Het is overduidelijk dat De Reynaertghesellen een sterk seizoen achter de rug hebben! Deze toneelvereniging vergast ons om de twee jaar met een voorstelling. Meestal is dat dan een voorstelling die kan tellen en dit jaar is dat niet anders. Met “Twelfht Night” van William Shakespeare was het weer midden in de roos. Zo goed zelfs dat we de commentaar hebben doorgeschoven naar Marc als hij het heeft over de Euripidesprijs. Maar ook bij de genomineerden voor het Fiere Margriet juweel wordt gesproken over deze productie, want één van de hoofdacteurs in het stuk, Jerry Olbrechts als Malvolio gaf een schitterend staaltje van zijn acteerkunnen weg. Vandaar… Dit, dames en heren, was het verslag over de voorstellingen van het toneelseizoen 2007-2008. VERSLAG VAN DE GENOMINEERDE PRODUCTIES
Beste toneelvrienden,
Nu volgt het verslag van de jury betreffende de genomineerde producties voor de Euripides prijs 2008. Ik moet toegeven dat er bij de jury zelden zo’n meningsverschillen waren, zelden zo’n verschillende visies en keuzes waren. Niet enkel bij de stukken die in aanmerking kwamen voor nominatie of voor de uiteindelijke laureaat, maar ook bij tal van stukken die net buiten de top drie vielen. Zes juryleden, zes eigen, persoonlijke visies. En daar is niets mis mee. Lange, nachtelijke vergaderingen waren daar echter het gevolg van. Maar in tegenstelling tot onze regering en BHV zijn wij er wel uitgeraakt. De kwaliteit van het stuk, de regie, de acteerprestaties en de techniek in al zijn facetten zijn de bepalende factoren bij het aanduiden van de nominaties en de uiteindelijke winnaar. Hoe dan ook, de drie genomineerde producties hebben zeer veel kwaliteiten en verdienen tenvolle deze nominatie. De volgorde die ik nu hanteer is de volgorde van optreden. Na iedere lofzang mag een afgevaardigde van de groep naar voren komen. Wanneer zij alle drie vooraan zijn wordt de winnaar van de Euripides prijs bekend gemaakt. De winnaar ontvangt van het stadsbestuur 750 euro, de zilveren en bronzen medaille ieder 250 euro, voorlopig nog altijd niet geïndexeerd.
De eerste nominatie gaat naar « Drie Zusters » van Anton Tsjechov bij Toneel Heverlee in een regie van Vital Schraenen. Sommigen, zoals de beroemde Stanislavski vinden « Drie Zusters » een vervelend, langdradig stuk. Anderen vinden het een meesterwerk. Het hangt ervan af hoe men het bekijkt, door welke bril men het bekijkt en met welke openheid men het bekijkt. Maar meer nog hangt het af van wat men er precies mee doet. En zo komen we geruisloos bij de regisseur : Vital Schraenen, een man die gezond verslaafd is aan Tsjechov, iemand die Tsjechov en zijn personages door zijn aderen voelt stromen. Iemand met een heel speciaal extra « gen », namelijk het « Tsjechov-gen ». En « gen » is het begin van « geniaal ». Hij maakt immers een verbluffende bewerking van « Drie Zusters », modern en klassiek tegelijk. Hij slaagt erin om op een heel subtiele manier de speciale sfeer van Tsjechov tot leven te brengen. Die sfeer werd heel erg juist gecreëerd door het prachtige decor, de mooie muziek, de geluidseffecten en de belichting. De grootste verdienste voor deze productie gaat zonder twijfel naar de regisseur.
De cast was niet altijd volkomen homogeen maar er waren zeker en vast degelijke prestaties en ook uitschieters zoals Tina Vertommen, George Christens en een zeer goede Geert Stabel. Technisch was alles in orde met toch een extra pluim voor de schitterende kostuums van Annick Van den Brande en Bieke Jorissen. In elk detail van een mensenleven schuilt een drama of een wonder, achter elke positieve opwelling zit een barst, en na elke regen komt zonneschijn. Zo simpel én zo complex is het leven. Zo simpel én zo complex zijn « Drie zusters ». Zo simpel én zo complex is dit verslag. Een welverdiend applaus voor « Drie zusters » en Toneel Heverlee. De tweede nominatie gaat naar « De Revisor » van Nicolaj Gogol bij De Reynaertghesellen in een regie van Marnick Bardyn. Weer een Russische schrijver ! Rusland boven ! Het lijkt het songfestival wel. Alleen : dit is veel beter. De Revisor is « een poppenkast » zeggen de enen. En dan klinkt dat pejoratief. De Revisor is « een poppenkast » zeggen de anderen. En dan klinkt dat als een compliment. Weer eens : het hangt ervan af hoe men het bekijkt maar meer nog : wat men er mee doet. Ik val in herhaling ; ik word oud. Regisseur Marnick Bardyn neemt iedere morgen een bad in een commedia dell’arte soep. Het is dus logisch dat hij van deze speelstijl gebruik maakt om een frisse bewerking te maken van een oud stuk dat doorgaans klassiek wordt gespeeld. Een schitterende regie waar alle elementen perfect passen in het concept is dan ook het resultaat. Hij werd daarbij zeer goed geholpen door een homogene cast, overwegend jong en onervaren maar met een grenzeloos enthousiasme. Over Dirk De Deken vertel ik straks nog één en ander maar ook de jonge Thomas Euben verdient een dikke pluim. Eigenlijk lijkt het alsof dit verslag reeds maanden geleden werd geschreven door één van de allergrootsten van de Leuvense toneelwereld, iemand voor wie ik persoonlijk en iedereen van de jury enorm respect en waardering heeft, iemand die zichzelf een oude knar noemt maar nog altijd een scherpe pen heeft : Hein Nackaerts. Hij zal het mij zeker vergeven dat ik hem citeer : « De voorstelling werd in een hoog tempo gebracht, de tekstkennis was perfect, het samenspel meer dan voorbeeldig, het decor was multifunctioneel en onderstreepte de verwarring in het provincienest, de muziekjes maakten de overgangen plezierig en adekwaat, de voorstelling barstte van de verrassende vondsten… » Wij groeten dan ook met een grote buiging naar Hein Nackaerts en met een daverend applaus voor « De Revisor » en De Reynaertghesellen.
De derde nominatie gaat naar « Twelfth Night » van William Shakespeare bij Willighe Vanckenis en Leren Ondernemen in een regie van Jerry Olbrechts. Dit is ongetwijfeld een grote verrassing voor het grootste deel van het publiek. Niet voor hen die deze productie hebben gezien. De samenwerking van de kleine toneelgroep Willighe Vanckenis en de bonte bende van Leren Ondernemen heeft voor een soort kruisbestuiving gezorgd waarvan de bevruchting wonderwel is gelukt. Regie, concept, bewerking en scenografie waren in handen van Jerry Olbrechts. Hij toverde « Driekoningenavond » van Shakespeare om tot een spetterend geheel. Een schitterend functioneel decor, prachtige muziek en live zang, subtiele belichting en wondermooie kledij maakten het geheel af. Jerry had ook veel aandacht voor de acteursbegeleiding. Misschien had niet iedereen evenveel klasse of intrinsiek talent, maar iedereen gaf zich voor 100% en met een niet aflatend enthousiasme. Een dikke proficiat voor Jerry, die we straks als acteur nog even bewieroken, maar ook voor Emilie Rademakers als Viola en/of Cesario en Hilke Swings als Maria. Niet alleen als actrices maar ook als zangeressen waren zij zeer goed. De concentratie, de inzet en het enthousiasme spatte als het ware letterlijk van alle acteurs en actrices af. Daarbij werd moeiteloos overgeschakeld van het Algemeen Nederlands naar het Engels, tot zelfs naar een vleugje sympathiek Antwerps, afhankelijk van het personage. Het zeer kleine speelvlak met de spelers letterlijk op de schoot van het publiek had nadelen wat betreft zichtbaarheid en comfort van het publiek. Het had ook voordelen : het publiek zat er middenin, het zag de mimiek van de spelers, het kon hen zien, voelen, aanraken, ja zelfs ruiken. We zouden dit een verfrissende bewerking van Shakespeare willen noemen maar omdat het toch ongeveer 35 ° C was in het zaaltje zullen we het houden bij een hartverwarmende voorstelling. Een warm applaus voor « Twelfth Night » en Willighe Vanckenis en Leren Ondernemen. VERSLAG VAN DE GENOMINEERDEN
Beste toneelvrienden,
Nu volgt het verslag van de jury over de vijf genomineerden voor het “ Fiere Margriet Juweel 2008 “. We kunnen er niet naast kijken, we kunnen er niet blind voor blijven, het is voor iedereen duidelijk: vier van de vijf genomineerden zijn afkomstig van de Reynaertghesellen. Wij weten dat daar commentaar op zal komen. Wij weten dat daar kritiek op zal komen. Het zij zo. Het is niet de taak van de jury om de genomineerden netjes te verdelen over de Leuvense verenigingen maar wel om de beste vijf acteerprestaties van dit seizoen – volgens deze jury althans - in het zonnetje te zetten. En dan is het spijtig dat goede prestaties bij enkele andere verenigingen net buiten de top 5 vallen. Straks zullen hier vijf gelukkige mensen op het podium zitten. Maar eigenlijk zou het hier straks vol moeten staan. Vol met mensen die hen geholpen hebben met de regie, als medespelers. Vol met mensen die hen omgeven hebben met mooie klanken, die ervoor gezorgd hebben dat zij perfect in de spotlights stonden. Vol met mensen die hen eindelijk eens mooi hebben aangekleed. Die er met emmers grime voor hebben gezorgd dat zij er mooier of lelijker uitzagen. Kortom, het zou hier straks vol moeten staan met ontelbare mensen die ervoor gezorgd hebben dat de vijf genomineerden nu even kunnen schitteren. De interviews zouden echter te lang duren, de receptie zou te lang op zich laten wachten en daarom houden we het nu bij deze vijf. Ik breng de verslagen in alfabetische volgorde. Iedereen kent onderhand de regels: ik lees één verslag, dan volgt superenthousiast applaus van de eigen groep en een beleefd en respectvol applaus van de anderen en dan komt de genomineerde naar voren. Wanneer ze alle vijf vooraan zijn wordt de winnaar bekend gemaakt.
De eerste nominatie gaat naar Dirk De Deken voor zijn rol van Anton Antonovitsj, burgemeester, in “ De Revisor” van Nicolaj Gogol bij de Reynaertghesellen in een regie van Marnick Bardyn. In deze poppenkast – een compliment weet je wel – was Dirk De Deken een zeer opvallende pop. Met een ongelofelijk enthousiasme ploeterde hij zich letterlijk door deze rol. Speelde hij een karikatuur? Ja, natuurlijk! Speelde hij veel meer dan dat? Ja, natuurlijk! Hij slaagde er immers in om aan dit bijna meelijwekkend figuur verschillende lagen mee te geven, verschillende dimensies. Nu eens is hij de machtswellusteling en imposante figuur, dan weer weet hij zich heel klein te maken. Hij was dominant en grof maar ook kruiperig, klein en zielig. Precies dat balanceren op emoties maakt zijn prestatie groots. Zonder enige scrupules wentelde hij zich bijna letterlijk in het slijk der aarde. Zijn onnavolgbare mimiek maakt zijn vertolking in dit stuk volledig af. In spel en samenspel is hij heel sterk, hierbij zeer goed geholpen door een uitstekend acterende cast waarvan hij de nodige respons krijgt. Een pluim ook voor zijn verzorgd taalgebruik: duidelijk, zuiver, in perfect tempo en volume. De dictielessen uit zijn prille jeugd zijn blijkbaar niet tevergeefs geweest. Na een opvallende prestatie in “Bij Jules en Alice “, eerder dit seizoen, heeft Dirk de Deken ons hier met Anton Antonovitsj niet alleen overdonderd maar ook ontroerd. Een hartelijk applaus voor Dirk De Deken en de Reynaertghesellen.
De tweede nominatie gaat naar Katrien Devillé voor haar rol van Alice, in “ Bij Jules en Alice” van Tom Lanoye bij de Reynaertghesellen in een regie van Jan Schoolmeesters. Dit volkse stuk van Tom Lanoye is echt een kolfje naar de hand van de Renards. Zij beschikken over een aantal spelers en speelsters om dit zeer goed in te vullen. Zoals Manu Gemoets, zoals Frie Huybreghs. En zoals Katrien Devillé. We beginnen het een beetje normaal te vinden dat ze dit goed doet. En toch is dat niet zo vanzelfsprekend. Helemaal niet. Met een verbluffende naturel geeft zij gestalte aan de persoon van de getormenteerde Alice. Geen overbodige franjes maar zeer geloofwaardig en levensecht. Zonder gène of scrupules. Zij speelt op een schitterende manier het grote spel van de liefde, met aantrekken en afstoten. Het samenspel met Manu was daarbij uitstekend. Ze tillen mekaar naar een nog hoger niveau. Zij heeft haar eigen personage goed door en weet dat dan ook nog eens schitterend “in beeld” te brengen. Zij is zeer expressief: sober en intens tegelijk. De zeer mooie “trouwfeestscène” was daarbij een echt hoogtepunt. Daarenboven gebruikt zij een heel mooie taal en is haar dictie voortreffelijk. Deze elementen doen helemaal niets af van de naturel waarmee zij deze rol speelt. Ergens in het stuk zegt Alice: ”Ik heb niemand nodig. Aan Jules heb ik genoeg”. Wij kunnen zeggen: ” Wij hebben niemand nodig. Aan Alice hebben wij genoeg. “ Een daverend applaus voor Katrien Devillé en De Reynaertghesellen.
De derde nominatie gaat naar Manu Gemoets voor zijn rol van Jules in “ Bij Jules en Alice” van Tom Lanoy bij de Reynaertghesellen in een regie van Jan Schoolmeesters. Dit genre stukken, dit genre rollen, zijn echt op het lijf geschreven van Manu Gemoets. Dit is natuurlijk niet zo, maar Manu speelt alsof dat toch evident is. Het volkse, het ietwat ruwere, het ietwat onbehouwen karakter dat toch altijd een zekere sympathie opwekt, zijn eigenschappen die perfect passen bij de acteur Manu Gemoets. Hij speelt dat ook heel graag en dat is eraan te zien. Een grote dosis enthousiasme gekoppeld aan het broodnodige talent zijn een conditio sine qua non om deze opdracht tot een goed einde te brengen. Ook hij speelt uitstekend het grote spel van de liefde, met aantrekken en afstoten, met leugens en smeekbeden. Hij blijft sterk in beleving, spel, interactie en expressie. Uitstekend samenspel met zijn tegenspeelster Katrien is duidelijk de kers op de taart. Zijn ietwat volkse taal past perfect bij de volkse figuur, in het wereldje van de bricoleurs. Ergens in het stuk zegt Jules:”Ge kijkt naar zo’n wrak en ge wordt helemaal koud vanbinnen. Het is schoon en niet schoon. Het gaat door merg en been.” En eigenlijk gaat dit over autowrakken. Maar evengoed gaat dit over al de personages in dit stuk. En bovenal gaat dit over Jules zelf. We kijken naar de schoonheid van de perte totale die Jules zelf is. We kijken naar het wrak dat Jules zelf is en we worden helemaal koud vanbinnen. Het is schoon en niet schoon. Het gaat door merg en been. En daarom een hartverwarmend applaus voor Jules, voor Manu Gemoets en voor de Reynaertghesellen.
De vierde nominatie gaat naar Astrid Lenaerts voor haar rol van Scout in “Popcorn” van Ben Elton bij De Reynaertghesellen in een regie van Günter Samson. In dit moderne Bonnie en Clyde spektakel van rock-‘n-roll en geweld, schitterde Astrid Lenaerts, een jonge actrice met een aangeboren talent. Zij speelde het schijnbaar domme, op sex en geweld beluste gangsterliefje. Van begin tot einde wist zij het publiek te boeien door sterk en genuanceerd spel dat aan de andere kant ook exuberant was, door grillige stemmingswisselingen, door variabele emoties, door attractieve en soepele beweging over de hele scène. Sommigen zullen vinden dat het “ er een beetje over was “, dat het allemaal een beetje “ te” was…. Niets is minder waar. Zeker niet als men in haar een vrouw herkent met het Borderline syndroom. Volgens de specialiste in onze jury kunnen dergelijke mensen vanuit een toestand van verveling en apathie zich opeens impulsief en agressief gaan gedragen, met uitbarstingen van onterechte woede en destructief gedrag. Zij slaan om van depressie naar vervoering met instabiliteit in de eigen relaties en de neiging anderen als vijanden te zien. Of Ben Elton en Günter en Astrid zich daar nu al dan niet van bewust waren doet eigenlijk niets ter zake. Astrid speelde Scout met heel veel bravoure en een grote frisheid. Zij werd daarbij uitstekend geholpen door een zeer goede Wim Vandebroek en Manu Gemoets. Zij speelde alles met een zeer grote overgave. Ze gaf zich volledig, ook in de gewaagde sex- en geweldscènes. Extra troeven zijn haar mooie taal, haar goede articulatie en haar zeer expressieve lichaamstaal. Zoals kleine kinderen met grote ogen en open mond naar een film kijken in “de cinema”, zo zaten wij met grote ogen te kijken naar de prestatie van Astrid. Het enige wat we nog nodig hadden was een grote zak…. Popcorn. Een daverend applaus voor Astrid Lenaerts en De Reynaertghesellen.
De laatste nominatie gaat naar Jerry Olbrechts voor zijn rol van Malvolio in “ Twelfth Night “ van William Shakespeare bij Willighe Vanckenis en Leren Ondernemen in een regie van Jerry Olbrechts. Een regisseur die zelf een hoofdrol speelt. Dat kan toch niet, dat mag toch niet. Dat zeggen toch de kenners. Welnu, beste mensen: het kan wel. Dat heeft Jerry hier bewezen met zijn eigen Shakespeare bewerking. Hij speelde een prachtige Malvolio. De evolutie die dit personage doormaakt is ronduit schitterend. Van een extreme puritein, van een omhooggevallen opportunist tot een man die letterlijk en figuurlijk in zijn blootje wordt gezet. Hij speelde een heel gamma van gevoelens: haast waanzinnig arrogant, gek van liefde voor zijn meesteres, dol van woede wanneer hij merkt dat hij door zijn omgeving te grazen wordt genomen. Mimisch is hij bijzonder sterk waarbij zijn expressieve ogen hem hier zeer goed van pas komen. Hij is ook zeer beweeglijk. Zijn samenspel met de anderen is voortreffelijk: hij laat hen toe om op een hoger niveau te acteren. Hij is een voorbeeld voor zijn medespelers, hij zet de bakens uit en het is duidelijk dat zij zich allen aan hem optrekken. Daarenboven heeft hij een sterke taalbeheersing, een mooi stemtimbre, zuivere articulatie en een beheerst taalvolume. Bij het binnenkomen van het toneelzaaltje werden de namen van het publiek afgeroepen door Malvolio die ons de plaatsen aanwees. In diezelfde stijl zou ik willen vragen dat Jerry straks naar voren komt en zich nestelt tussen al die Renards, dat hij een plaats inneemt bij de allerbeste acteurs en actrices van het afgelopen seizoen. Een warm applaus voor Jerry Olbrechts en Willighe Vanckenis en Leren Ondernemen.
Marc Smet 7 juni 2008 Beste toneelvrienden,
Nogmaals welkom bij de uitreiking van de verschillende Leuvense toneelprijzen. Naast de Euripidesprijs voor de beste productie en het Fiere Margriet Juweel voor de beste acteursprestatie, houden we nu een nieuwe telg boven de doopvont: De Kleine Prins prijs. Deze prijs bekroont de beste jeugdproductie van het afgelopen seizoen. Een schitterende oorkonde maar vooral wereldwijde roem in de Leuvense regio zijn de beloning voor de enthousiaste jongerengroep. Wij zijn blij dat het stadsbestuur dit initiatief steunt en we veronderstellen dat onze schepen van cultuur en onze burgervader, goede katholieken uiteraard, als peter en meter aan deze doopvont willen staan. En als de winnaars met Nieuwjaar dan even langs gaan… wie weet… wie weet? Maar waarom die naam, “ De Kleine Prins “ voor deze prijs? Het heeft uiteraard niets met Filip en Mathilde te maken maar alles met het wereldbekende boek van Antoine de Saint-Exupéry. De grote kracht van het verhaal ligt onder meer in het feit dat de schrijver in staat was om poëzie, fantasie en techniek met elkaar te verbinden. Het is een sprookje, geschreven door iemand die zelf voortdurend “tussen hemel en aarde” bewoog. De Kleine Prins laat ons weer beleven wat “ hartverwarmend “ eigenlijk betekent en wat “vragen stellen “ eigenlijk is. We herkennen in ontmoetingen van De Kleine Prins aspecten van onszelf en van verschijnselen in de hedendaagse samenleving. We beleven in De Kleine Prins het levendige, het open staan voor alles, de verwondering en het vermogen vragen te stellen die tot nadenken stemmen. En omdat we deze aspecten heel specifiek aantreffen in de meeste jeugdproducties, daarom, beste volwassenen, daarom…. De Kleine Prins Prijs. De voorstellingen vanT4 en van de Dijlezonen werden reeds beschreven door Yolanda. Naast de ronduit aangrijpende en schitterende voorstelling van “Gamin” bij De Dijlezonen was de jury toch het meeste onder de indruk van het totaalpakket van “ Happy happy “ geschreven en geregisseerd door Marie Goossens bij Levet Scone uit Wilsele. Het duurt eventjes voor men de losse eindjes aan elkaar knoopt, voor de schijnbare kipkap versmolten wordt tot een smakelijke maaltijd. Maar dan blijft er ook een jong en grappig stuk over, lichtjes absurd en in hoge mate geschift. Net zoals de auteur. Net zoals de regisseur. Zij heeft de bonte bende gekneed tot een enthousiaste groep waar niet alleen het speelplezier maar ook het talent van het podium spat. Niemand van de acteurs of actrices viel door de mand. Enkelen blijven wel last hebben van hun Brabantse genen en laten dat voelen in hun uitspraak. Een aantal liet heel groot talent zien. Zeker een speciale vermelding voor Jef Artois als geschifte Spaanse dokter en superdroog element in het schitterende duo met Seppe Anrijs. Opvallend was het toneeldebuut van Eva Kennes: zelfzeker en klasrijk. Een pluim ook voor Roel Artois als voorbeeld van “ gecontroleerde roze overacting”. Super. Maar zoals gezegd verdient eigenlijk de hele cast een zeer dikke pluim. Prima kledij, grime, decor, dans en muziek uit het hart van de regisseur maken het plaatje af. De combinatie van dit alles zorgt ervoor dat het publiek “ Happy happy” de zaal verlaat. Mag ik nu een vertegenwoordiger van Levet Scone naar voren vragen om de oorkonde te ontvangen uit de handen van de Schepen van Cultuur en mag ik van u allen een daverend applaus voor “Happy happy”. Marc Smet 7 juni 2008
Namens de jury van 2008 Georges Christens Marie Goossens Yolanda Mattheus Jos Oleo Marc Smet Rik Struyven
|