John (Joe) Kingsley Orton (1933-1967) was een Brits toneelschrijver, die opgroeide in het amateurtoneel en in de jaren 60 succes oogstte met erg controversiële zwarte zedenkomedies die alle taboes doorbraken. Zijn levenspartner, de zeven jaar oudere collega schrijver Kenneth Halliwell, fungeerde bij het schrijven telkens als klankbord.
In 1951 trok Orton naar Londen, waar hij al snel Halliwell ontmoette en ermee ging samenwonen. Als onsuccesvolle schrijvers leefden ze van Halliwells erfenis en vermaakten ze zich met practical jokes, zoals het met obscene prenten verminken van boeken uit de openbare bibliotheek. Ze kregen hiervoor zes maanden celstraf.
Ortons grote doorbraak kwam er in 1964 met Entertaining Mr. Sloan over een huurder die het gastgezin terroriseert. Een jaar later kwam het veel gespeelde Loot (vertaald als Roof) over een moordende verpleegster en een bankroof, waarvan de buit in een doodskist wordt verstopt. Ondertussen schreef hij ook enkele hoor- en tv-spelen en later volgden nog Funeral Games (1966) en What the butler saw (1967), die beiden postuum in première gingen.
Kort na het schrijven van What the butler saw werd Ortons leven en succes immers ruw afgebroken toen Halliwell hem met een hamer vermoordde en nadien zelfmoord pleegde.